Weg met de opvolgers!
Vanop mijn zevende opvolgersplaatsje klinkt het misschien maar gek, maar daarom niet minder oprecht: schaf die opvolgersplaatsen af!
Ja, Bert Schelfhout (Open VLD) schrijft zinnige dingen in zijn opiniestuk in De Standaard. We wisten al lang dat de democratie in België plaats geruimd heeft voor een particratie, waarbij de burger het gewicht van de verschillende partijen in het parlement bepaalt, en die partijen bepalen wie er in datzelfde parlement de zitjes bezet. Door het gewicht van de lijststem enerzijds (zij die bovenaan de lijst staan maken de meeste kans om verkozen te worden) en het systeem van de opvolgers anderzijds. Momenteel is de situatie trouwens zodanig erg dat ons Vlaams parlement voor een groot deel uit opvolgers bestaat, met zelfs uitschieters tot 40% (VLD) tot zelfs 50% (sp.a). Allemaal mensen die hun zitje in het halfrond te danken hebben aan iemand anders die zijn/haar plaats afstond, of minister geworden is en nog altijd kan terugkeren naar dat zitje. Allemaal mensen die best de mensen wiens zitje ze bezetten goed te vriend houden, wat zich dikwijls duidelijk uit in het slaafs volgen van de regering door de parlementairen van de meerderheid, ook al zijn ze niet akkoord met het punt in kwestie. Affaires zoals de zaak Dirk Vijnck (ex-LDD, ex-VLD, LDD) geven het beeld als zou de politiek een ferm vuil spel zijn van overloperij en machiavellisme, nog een extra duwtje, wat tot een ferm ongenoegen leidt bij de bevolking. Geheel terecht natuurlijk, men zou voor minder. Zij krijgen meer en meer de indruk dat het niet uitmaakt op wie ze stemmen: het zijn toch altijd dezelfden die beslissen.
Een afschaffing van de lijststem, afschaffing van de opvolgerslijst (met vervanging door het principe "de niet-verkozen met het meeste aantal stemmen is eerste opvolger", zoals in de gemeenteraad) en een regel dat wie als gekozene van partij verandert gedurende de legislatuur automatisch ontslag neemt uit dat parlement (en zijn/haar zitje dus teruggeeft aan de partij en het project waarvoor hij/zij verkozen was) lijken me dan ook stappen in de goede richting.
Ik vind het dan ook bijzonder jammer dat iemand als Bert Schelfhout, die hierin de vinger op de wonde legt, opkomt voor een partij die zich graag hieraan bezondigt: het hoge aantal opvolgers valt op (40% in het Vlaams parlement), net als de betrokkenheid in de zaak-Vijnck, maar vooral het hoge gehalte aan "erfelijke democratie" in die partij doet toch even de wenkbrauwen fronsen.
En net ook daarom dat ik mij erger aan de slogan "voor u, voor Gent" van het duo "Freya-Termont" zoals ze zichzelf op gigantische affiches in het Gentse straatbeeld promoten. Ja, de tweede is een goede burgemeester, maar als hij zich als lijstduwer laat opvolgen door een Dendermondenaar (niets tegen die persoon in kwestie), dan stel ik mij toch vragen bij de geldigheid van die slogan. Over de eerste, en wat zij al bewezen heeft voor Gent tijdens vorige legislaturen in een uitvoerende functie, zal ik mij maar niet uitlaten. Mijn visie over Gent (en steden in het algemeen) in het Vlaams parlement, verschijnt hier eerstdaags nog wel.
Neen, geef mij dan maar het aloude principe "het volk beslist", en niet de partij. Al moet u zich vooral niet geremd voelen om bij mijn partij (die ik ten volle steun) en mijzelf een bolletje te kleuren, al was het maar om in het huidige systeem volgende keer een betere plaats te bedingen :-)


5 reacties
Kuch, reutel, maar een voorstel waarbij zetels terug gegeven worden aan een partij bij overstap, daar komt toch enkel méér particratie van, Peter?
Dat is idd het enige punt dat de partijen versterkt tov individuen, maar ik denk dat het toch een goede zaak zou zijn omdat het het beeld van de politiek en de ethiek in de stiel versterkt. Partijen die elkaar parlementsleden (of ministers) proberen afsnoepen, da's verre van proper.
Akkoord en niet akkoord Peter. Het klopt dat door het systeem van de opvolgers partijen een stuk zélf kunnen bepalen wie in het parlement klopt en dat dit misschien niet helemaal democratisch is. Anderzijds kunnen mensen ook zélf op die opvolgers stemmen en daarmee bepalen wie in pole-position komt om in het parlement te komen. Dankzij het systeem van de opvolgers kunnen partijen ook nieuwe mensen lanceren: mensen die misschien geen bekende kop of naam hebben, maar wel iets te vertellen hebben. In het huidige systeem, met de provinciale kieskringen, is het quasi onmogelijk om je als onbekende kandidaat op te werken. Wat moet iemand als ik, uit een boerengat in ZO-Vlaanderen gaan uitrichten in Gent of het Waasland? Tenzij je er handenvol geld tegenaan kan gooien (wat meestal al impliceert dat je een bekende kop hebt...). Overigens, zoals je zelf aangeeft: zolang het systeem van de lijststem blijft bestaan, blijft het de partij die bepaalt wie meest kans maakt om in het parlement te komen, systeem van opvolgers of niet. Dus eer we het systeem van opvolgers afschaffen: eerst terug kleinere kieskringen én de lijststem afschaffen.
Ik ben het eens behalve op het punt van het teruggeven van een zetel aan de partij; dat versterkt net nog de greep van de partijen op het geheel.
Zeker in het licht van het afschaffen van de lijststem zeg je eigenlijk dat men kiest voor mensen en niet voor partijen. Dan is de zetel ook aan de persoon gebonden en niet aan de partij.
Verder ben ik het met Jan eens: die provinciale kieskringen zijn een vloek voor de politiek. Als vijfde op de lijst doorkruis ik onze provincie, maar ik zou liever mijn energie meer gebundeld hebben in directe contacten in de onmiddellijke omgeving. Geef mij maar terug de arrondissementele kieskringen; dat hielp de kloof kleiner te houden.
Nu is de schaalgrootte van die orde dat de eerste aandacht van, door en naar de media gaat van, door en met de kopstukken van iedere partij.
Zelfs als hoog op de lijst staande word ik zelden gevraagd voor een debat; spijtig toch in onze debatcultuur, maar hoe kan je als "kleine" politicus nog je mening verkondigen aan mensen.
Die provinciale kieskringen zie ik niet zo zwart-wit, dat is eerder een grijs verhaal, zoals ik eerder schreef. Je moet als politicus een visie hebben op het grote geheel, opkomen voor heel Vlaanderen, en niet enkel voor je eigen buurt. Het Vlaams Parlement als een vergadering van burgemeesters die enkel voor hun eigen gemeente pleiten, zou me ook niet zo'n goede zaak lijken. Al hoeft dat natuurlijk niet noodzakelijk zo te zijn met kleine kieskringen.
Plaats een nieuwe reactie